‘De VS lanceren een Nieuwe Koude Oorlog tegen Rusland en China in een poging de aandacht af te leiden van de groeiende crisis van het mondiale kapitalisme’. William I. Robinson, hoogleraar sociologie, Global Studies en Latijns-Amerika aan de Universiteit van Californië in Santa Barbara, onderbouwt zijn stelling met een solide analyse van de echte motieven achter het buitenlandbeleid van de VS.

(Door William I. Robinson, vertaling DeWereldMorgen)

Slechts enkele dagen nadat het Pentagon militaire oefeningen uitvoerde in de Zuid-Chinese Zee liet President Biden op 15 april weten dat zijn regering tien Kremlin-diplomaten het land zou uitzetten en nieuwe sancties zou opleggen aan Rusland voor zijn vermeende tussenkomst in de verkiezingen van 2020 – waarvoor Rusland meteen met gelijke munt terugbetaalde.

Deze acties waren slechts de meest recente opflakkering van agressieve aanstellerij terwijl Washington zijn ‘Nieuwe Koude Oorlog’ tegen Rusland en China opvoert, wat de wereld gevaarlijk dicht bij een internationale politieke en militaire vuurzee brengt.

De meeste waarnemers schrijven deze door de VS uitgelokte oorlog toe aan rivaliteit en competitie voor hegemonie en internationale economische controle. Hoewel deze factoren zeker een rol spelen is er een groter plaatje dat vaak vergeten wordt: de crisis van het mondiale kapitalisme.

Deze crisis is economisch, of eerder structureel. Het is een crisis van chronische stagnatie in de wereldeconomie. Maar het is ook een politieke crisis: dit gaat over de legitimiteit van de staat en de kapitalistische hegemonie.

Het systeem gaat gestaag richting een zogenaamde ‘algemene crisis van kapitalistische heerschappij’ nu miljarden mensen ter wereld voor een onzekere overlevingsstrijd komen te staan en een systeem in vraag stellen dat ze niet langer als legitiem erkennen.

In de VS moeten de heersende groeperingen ervoor zorgen dat deze angst voor zwakke overlevingskansen niet tegen het systeem gericht wordt, maar tegen gemeenschappen die als zondebok dienen, bijvoorbeeld immigranten of Aziaten die de schuld krijgen van de pandemie, maar ook tegen externe vijanden als Rusland of China.

Tegelijkertijd legitimeren de toenemende internationale spanningen de oplopende budgetten voor militaire doeleinden. Verder zorgt dit voor nieuwe winstkansen door middel van oorlog, politieke conflicten en onderdrukking in een voor het overige stagnerende civiele economie.

Wereldwijd ontstaat een ‘people’s spring’ (‘volkslente’). Van Chili tot Libanon, Irak tot India, Frankrijk tot de VS, Haïti tot Nigeria en Zuid-Afrika tot Colombia, overal worden stakingen en massaprotesten georganiseerd en in veel van deze gevallen hebben die een radicaal antikapitalistische ondertoon.

De heersende groepen kunnen niet anders dan schrik krijgen voor dit gerommel in de onderbuik van de maatschappij. Als er geen tegenreactie op komt zal de Nieuwe Koude Oorlog de hoeksteen worden van het arsenaal van Amerikaanse leiders en transnationale elites om de macht te behouden terwijl de crisis verergert.

De crisis van het mondiale kapitalisme

Vanuit economisch perspectief gezien staat het mondiale kapitalisme momenteel voor wat in technische termen  ’overaccumulatie’ heet: een situatie waarin de economie enorme rijkdom heeft geproduceerd – of de capaciteit heeft om die te produceren – maar waarbij de markt deze rijkdom niet kan absorberen door de stijgende ongelijkheid.

Kapitalisme is dus van nature in staat overvloedige rijkdom te creëren, maar weet deze weelde zodanig te polariseren dat de sociale ongelijkheid sterk toeneemt, tenzij een beleid van herverdeling dit tegenwerkt. Het huidige niveau van wereldwijde sociale polarisatie en ongelijkheid is ongezien. In 2018 had de rijkste één procent in de wereld maar liefst de helft van de mondiale rijkdom in handen, terwijl de onderste tachtig procent van de bevolking het moest stellen met slechts vijf procent.

Dergelijke ongelijkheden ondermijnen uiteindelijk de stabiliteit van het systeem door de stijgende kloof tussen wat geproduceerd wordt – of kan worden – en wat door de markt kan geabsorbeerd worden. De extreme concentratie van de rijkdom in handen van slechts een paar allerrijksten en de stijgende verarming van de meerderheid zorgt ervoor dat de transnationale kapitalistische klasse (de TKK) steeds meer problemen ondervindt bij het zoeken naar productieve uitlaatkleppen om de gigantische overschotten die ze vergaard heeft te lozen.

Hoe groter de wereldwijde ongelijkheden worden, hoe kleiner de wereldmarkt wordt en hoe meer het systeem een structurele crisis van overaccumulatie ondergaat. Indien dit ongehinderd door blijft gaan, zal de groter wordende sociale polarisatie leiden tot een crisis door stagnatie, recessie, depressies, sociale onrust en oorlog, precies wat we momenteel meemaken.

In tegenstelling tot de mainstream opinies heeft het coronavirus deze crisis van het globale kapitalisme niet veroorzaakt, dit hing ons immers al veel langer boven het hoofd. Op de vooravond van de pandemie was de Europese groei al tot nul geslonken, een groot deel van Latijns-Amerika en Sub-Sahara Afrika bevonden zich reeds in recessie, de groei in Zuid-Azië nam al gestaag af en Noord-Amerika kende reeds een terugval. Het kwaad was reeds geschied. Het virus was slechts de laatste vonk in de daarvoor al zeer ontvlambare globale economie die nooit echt hersteld was van de financiële instorting van 2008 en die sindsdien al op de grens van een nieuwe crisis stond.

Zelfs al zou er een tijdelijk herstel plaatsvinden nadat de wereld stilaan bekomt van de pandemie, zal het mondiale kapitalisme nog steeds verwikkeld zitten in deze structurele crisis van overaccumulatie. In de aanloop van de pandemie kon men wereldwijd een gestage stijging in ongebruikte capaciteit en een terugval van industriële productie waarnemen. Het overschot aan vergaard kapitaal zonder bestemming breidde zich snel uit. Transnationale bedrijven tekenden dan ook recordwinsten op in de jaren 2010, terwijl bedrijfsinvesteringen daalden.

Het totaalbedrag aan reserves dat in de tweeduizend grootste niet-financiële ondernemingen wereldwijd werd opgeslagen steeg van 6.600 miljard in 2010 tot 14.200 miljard dollar in 2020 – een veel groter bedrag dan de buitenlandse deviezenreserves van de wereldwijde centrale regeringen – terwijl de wereldeconomie tot stilstand kwam.

Wilde financiële speculatie en de stijgende schulden van overheden, bedrijven en consumenten dreven de groei in de eerste twee decennia van de 21ste eeuw, maar dit zijn slechts tijdelijke en niet-duurzame oplossingen voor langetermijnstagnatie.

De mondiale oorlogseconomie

Zoals ik aantoonde in mijn boek dat ik in 2020 schreef, ‘The Global Police State‘, wordt de wereldeconomie steeds afhankelijker van de ontwikkeling en inzet van oorlogssystemen en systemen van sociale controle en onderdrukking, als methode om winst te maken en zo verder kapitaal te vergaren tegen een achtergrond van chronische stilstand en verzadiging van de globale markten.

Dit is beter bekend als ‘gemilitariseerde accumulatie’ en verwijst naar een situatie waarin een globale oorlogseconomie steunt op eeuwigdurende oorlogsvoering door de staat, op sociale controle en onderdrukking – nu ook gedreven door nieuwe digitale technologieën – om zo de accumulatie van kapitaal in stand te houden.

De gebeurtenissen van 11 september 2001 luidden een eeuw van permanente globale oorlog in, waarin logistiek, oorlogsvoering, inlichtingen, onderdrukking, surveillance en zelfs militair personeel steeds vaker het geprivatiseerde domein van transnationaal kapitaal werden.

Het Pentagon-budget steeg 91 procent tussen 1998 en 2011, terwijl wereldwijd de totale militaire uitgaven 50 procent verhoogden tussen 2006 en 2015, van 1,4 biljoen dollar tot meer dan 2 biljoen dollar. Dit getal houdt echter geen rekening met de honderden miljarden dollars die gespendeerd werden aan inlichtingen, noodoperaties, politie, nepoorlogen tegen immigranten, terroristen, drugs en ‘binnenlandse veiligheid’. In diezelfde periode zijn de winsten van de militair-industriële complexen verviervoudigd.

Door enkel te focussen op de militaire staatsbudgetten zien we echter slechts een deel van het plaatje van de mondiale oorlogseconomie. De verschillende oorlogen, conflicten en campagnes voor sociale controle en onderdrukking wereldwijd houden een samensmelting in van privé-accumulatie en militarisering van de staat.

In een dergelijke relatie maakt de staat het mogelijk om privé-kapitaal te vergaren door middel van militarisering, bijvoorbeeld door het faciliteren van de wapenverkoop door militair-industriële veiligheidsfirma’s, wat momenteel dan ook een hoogtepunt bereikt heeft. De wereldwijde wapenhandel van de top honderd wapenfabrikanten en bedrijven gericht op militaire diensten steeg maar liefst 38 procent tussen 2002 en 2016.

In 2018 boden de privé- op winst gerichte militaire bedrijven werkgelegenheid aan ongeveer vijftien miljoen mensen wereldwijd, bovenop twintig miljoen mensen werkzaam in privé-veiligheidsdiensten. Politionele privé-veiligheid is een van de snelst groeiende economische sectoren in vele landen en overtreft tegenwoordig de budgetten van openbare veiligheidsdiensten wereldwijd.

Het budget dat naar privé-veiligheidsdiensten ging in 2003, het jaar van de invasie van Irak, was 73 procent hoger dan het budget voor de openbare sector, en drie keer zoveel mensen werden ingezet in privé-troepen als in de officiële instellingen voor handhaving van de wet. In de helft van alle landen wereldwijd is het aantal privé-veiligheidsagenten dan ook veel talrijker dan het aantal openbare politieagenten.

Deze ‘bedrijfssoldaten en politie’ worden ingezet om bedrijfseigendommen te bewaken, persoonlijke bewaking  te voorzien voor leiders van de TKK en hun families, om data te verzamelen, politie-, paramilitaire, anti-verzet- en surveillanceoperaties uit te voeren, om menigten onder controle te houden en demonstranten te onderdrukken, om privégevangenissen te onderhouden, ondervragingen uit te voeren en om deel te nemen aan oorlogen.

In 2018 liet president Trump met veel fanfare weten dat er een zesde legermacht in de maak was, de zogenaamde ‘ruimtetroepen’. De bedrijfsmedia namen gretig zijn slagzin over dat deze troepen noodzakelijk zouden zijn om toenemende dreigingen voor de VS tegen te gaan.

Wat minder in de media aan bod kwam, is dat een kleine groep voormalige overheidsfunctionarissen met nauwe banden met de luchtvaartindustrie achter de schermen lobbyde voor de creatie van een dergelijke legermacht om zo de verkoop te promoten van satellieten en andere ruimtetuig met militaire uitgaven.

In februari 2021 liet de ‘Federation of American Scientists’ weten dat lobbying door militair-industriële complexen aan de basis lag van de beslissing van de Amerikaanse regering om minstens 100 miljard dollar te investeren in nieuwe nucleaire voorraden. De regering van Biden verkondigde in april dat de VS-troepen Afghanistan zouden verlaten, wat op veel bijval kon rekenen.

Hoewel er nog slechts 2.500 VS-troepen ter plaatse zijn, verbleekt dat aantal bij de meer dan 18.000 aannemers die de overheid heeft ingezet om daar Amerikaanse belangen te behartigen, inclusief minstens 5.000 privé-soldaten die wel ter plaatse blijven.

De zogenaamde oorlog tegen drugs en terreur, de officieuze oorlogen tegen immigranten, vluchtelingen en gangs en meer algemeen tegen de arme, gekleurde jeugd uit de arbeidersklasse, de bouw van grensmuren, opvangcentra voor immigranten en gevangeniscomplexen, systemen van massasurveillance en de verspreiding van particuliere veiligheidstroepen en huurlingen zijn allemaal enorme winstmachines.

Zij zullen enkel belangrijker worden, terwijl stagnatie van het systeem het nieuwe ‘normaal’ wordt. Kortom, de globale politiestaat is big business in een tijd waarin andere mogelijkheden voor transnationale winstvergaring beperkt zijn.

Als bedrijfswinsten, eerder dan een of andere externe dreiging, de reden zijn voor de uitbreiding van de Amerikaanse oorlogsmachine en de globale politiestaat, moet dit nog steeds gerechtvaardigd worden tegenover de eigen bevolking. Dit is waar het verhaal van de officiële staatspropaganda over de ‘Nieuwe Koude Oorlog’ ten tonele verschijnt.

Externe vijanden oproepen

Er is nog een andere dynamiek aan het werk wanneer we het hebben over deze Nieuwe Koude Oorlog: een dynamiek van staatslegitimiteit en kapitalistische hegemonie. Internationale spanningen komen voort uit de acute politieke contradictie in het wereldwijde kapitalisme waarbij economische globalisatie plaatsgrijpt binnen een systeem van politieke autoriteit gebaseerd op de natiestaat.

In technische termen kunnen we stellen dat er een contradictie is tussen de functie van accumulatie en die van legitimiteit van staten. Met andere woorden, staten staan voor een tegenstelling waarbij ze enerzijds de nood voelen om transnationale kapitalistische accumulatie te promoten binnen de grenzen van hun individuele nationale grondgebied en anderzijds de nood om politieke legitimiteit te bereiken en de binnenlandse sociale orde te stabiliseren.

Om transnationale investeringen voor het eigen nationale grondgebied aan te trekken moet dus kapitaal voorzien worden, inclusief alle stimulansen gelinkt aan het neoliberalisme, zoals neerwaartse druk op de lonen, het bestrijden van vakbonden, liberalisering, lage of afwezige belastingen, privatisering, investeringssubsidies, bezuinigingen en dergelijke meer.

Het resultaat hiervan is stijgende ongelijkheid, verarming en onzekerheid voor de werkende bevolking. Kortom, dit zijn de voorwaarden waardoor staten terechtkomen in crisissen van legitimiteit, waardoor nationale politieke systemen gedestabiliseerd raken en de controle door elitegroepen in gevaar komt.

Internationale wrijvingen escaleren wanneer staten, in hun poging om terug legitimiteit te verwerven, de sociale en politieke spanningen trachten te sublimeren en proberen te vermijden dat de maatschappelijke orde uit mekaar valt.

In de VS hield deze sublimatie in dat sociale onrust in de schoenen van ultieme zondebokken werd geschoven, zoals de migranten. Dit is tevens een van de sleutelfuncties van racisme, wat bovendien een kernelement was van Trumps politieke strategie. Die vermeende schuld kan echter ook bij een externe vijand gelegd worden, zoals China of Rusland, wat duidelijk een hoeksteen van Bidens strategie lijkt te worden.

Hoewel de Chinese en Russische regerende elites ook de economische en politieke nasleep van de globale crisis onder ogen moeten zien, zijn hun nationale economieën toch minder afhankelijk van gemilitariseerde accumulatie en hun mechanismes voor legitimiteit zijn niet gebaseerd op conflict met de VS.

Het is Washington dat deze Nieuwe Koude Oorlog in het leven roept, niet op basis van een of andere  politieke of militaire dreiging van China of Rusland en nog minder op basis van economische competitie – aangezien de transnationale handel tussen de VS en China sterk grensoverschrijdend is. Deze Nieuwe Koude Oorlog is eerder gebaseerd op de noodzaak om de crisis niet alleen te beheren maar vooral te doen verdwijnen.

De neiging van de kapitalistische staat om de politieke nasleep van deze crisis te externaliseren verhoogt het risico dat internationale spanningen tot oorlog zullen leiden. Historisch gezien hebben oorlogen het kapitalistische systeem steeds uit de crisis kunnen halen, omdat ze steeds weer de aandacht afleidden van politieke spanningen en legitimiteitsproblemen.

Het zogenaamde ‘vredesdividend‘ dat moest leiden tot demilitarisatie na het einde van de eerste Koude Oorlog in 1991 toen de Sovjet-Unie uit mekaar viel, verdampte plotsklaps volledig door 9/11, wat op zijn beurt de schijnvertoning van een War on Terror rechtvaardigde als nieuw voorwendsel voor militarisering en reactionair nationalisme.

Historisch gezien verwerven Amerikaanse presidenten hun hoogste populariteitsscores wanneer ze oorlogen ontketenen. Het hoogtepunt was George W. Bush met een score van maar liefst 90 procent in 2001 toen zijn regering zich gereed maakte om Afghanistan binnen te vallen. Zijn vader George Bush senior haalde in 1991 nog 89 procent toen de VS het einde van de (eerste) invasie van Irak en de ‘bevrijding van Koeweit’ aankondigde.

De strijd om de post-pandemie wereld

We zijn momenteel getuige van een radicale herstructurering en transformatie van het mondiale kapitalisme, gebaseerd op een veel verder ontwikkelde digitalisatie van de gehele wereldeconomie en van de maatschappij. Dit proces wordt gedreven door technologieën van de zogenaamde vierde industriële revolutie, waaronder artificiële intelligentie en machinaal aanleren, Big Data, zelfrijdende voertuigen ter land, ter zee en in de lucht, cloud-based quantum computing, 5G-bandbreedte, bio-en nanotechnologie en het Internet of Things (IoT).

Deze crisis is niet alleen economisch en politiek, ze is tevens existentieel omwille van de dreiging van  ecologische ondergang en kernoorlog. Daarbij mogen we ook het risico op toekomstige pandemieën niet uitsluiten die misschien zelfs veel dodelijker kunnen zijn dan de coronavirussen.

Deze omstandigheden dragen bij tot een nieuw blok van transnationaal kapitaal, geleid door techbedrijven, door hun verwevenheid met financiering, farmaceutica en het militair-industrieel complex, om op die manier steeds grotere macht te verwerven en zo de controle over de sleutelsectoren van de wereldeconomie te bestendigen.

Terwijl deze herstructurering doorgaat, wordt de concentratie van wereldwijd kapitaal nog vergroot en verergeren de sociale ongelijkheid en de internationale spanningen, alsook de risico’s op een militaire uitbarsting.

In 2018 beheerden nog amper zeventien globale financiële conglomeraten tezamen 41.100 miljard dollar – meer dan de helft van het wereldwijde BBP. Datzelfde jaar bezat de rijkste één procent, bestaande uit 36 miljoen miljonairs en 2 400 miljardairs, meer dan de helft van de rijkdom in de wereld, terwijl de onderste tachtig procent – bijna zes miljard mensen – het moest stellen met slechts vijf procent van deze rijkdom. Het resultaat is dan ook verwoestend voor de arme meerderheid van de mensheid.

Wereldwijd overleeft vijftig procent van de bevolking met gemiddeld 2,5 dollar per dag en tachtig procent moet het met minder dan 10 dollar per dag stellen. Eén op drie mensen lijdt aan een vorm van ondervoeding, bijna een miljard mensen gaan elke avond met honger naar bed en nog eens twee miljard leven met permanente voedselonzekerheid.

Het aantal vluchtelingen dat probeert te ontsnappen aan oorlog, klimaatverandering, politieke onderdrukking en economische ondergang loopt al op tot honderden miljoenen. De Nieuwe Koude Oorlog zal deze lagen van de bevolking enkel verder de dieperik induwen.

Kapitalistische crises staan garant voor intense sociale onrust en klassenstrijd. We zien een snelle politieke polarisatie in de globale maatschappij sinds 2008, tussen opstandig extreemrechts en opstandig links. De aanhoudende crisis heeft tevens massaprotesten in de hand gewerkt. Arbeiders, landbouwers en de arme bevolking zocht toevlucht tot stakingen en protesten wereldwijd, van Soedan tot Chili, Frankrijk tot Thailand, Zuid-Afrika tot de VS.

Overal ter wereld breekt een ’people’s spring’ uit. Deze crisis geeft echter ook extreemrechts en neofascistische troepen een duwtje in de rug. Die lijken furore te maken in heel wat landen en gebruiken het medische onheil en zijn nasleep voor een politieke opmars. Neofascistische bewegingen, alsook autoritaire en dictatoriale regimes breken wereldwijd door terwijl democratie stilaan uit elkaar valt.

Dergelijke woeste ongelijkheden zijn explosief. Ze voeden massaprotesten van de onderdrukten en zorgen ervoor dat de heersende groepen reageren met een meer alomtegenwoordige globale politiestaat om zo de rebellie van de werkende bevolking in de kiem te smoren.

De tegenstellingen van het door crisissen gedreven systeem bereiken een breekpunt en brengen zo de wereld in een hachelijke situatie op het randje van een wereldwijde burgeroorlog.

De inzet kan niet hoger zijn. De strijd om de post-pandemie-wereld wordt nu gevoerd. Een deel van de strijd moet eruit bestaan de Nieuwe Koude Oorlog te ontmaskeren voor wat hij echt is: een list van de dominante elites om onze aandacht af te leiden van de escalerende crisis van het mondiale kapitalisme.

What are the real reasons behind the New Cold War? werd vertaald door Fleur Leysen. Roar Magazine is een ‘online publicatie van radicale verbeelding, die perspectieven aanbiedt vanuit de frontlijnen van de wereldwijde strijd voor echte democratie. Het wereldsysteem is in crisis. Wereldwijd kapitalisme en liberale democratie vallen uit elkaar rond ons’.

William I. Robinson is hoogleraar in Sociologie, Global Studies en Latijns-Amerika aan de Universiteit van Californië in Santa Barbara. Zijn boek, Global Civil War: Repression and Rebellion in the Post-Pandemic World, verschijnt begin 2022.

Dit stuk is overgenomen van De Wereld Morgen