De belegering van het Capitool van de Verenigde Staten op 6 januari was geen op zichzelf staand incident. Het is de laatste in een reeks van aanvallen door gewelddadige extremisten die de federale en staatsregeringen willen ondermijnen. Een nieuwe organisatie met de naam "People's Rights" probeert deze anti-regeringsinspanningen geraffineerder en efficiënter te maken. En ze heeft al aanzienlijk succes.

Door Judd Legum and Tesnim Zekeria, Popular Information, vertaling globalinfo.nl die best meer donateurs wil, foto anonymous9000 ccflickr)

De leider van People's Rights, dat afgelopen maart werd opgericht, is Ammon Bundy. Hij was de beruchte "leider van de bezetting in 2016 van het Malheur National Wildlife Refuge in Oregon - een dodelijke 41-daagse confrontatie tussen federale agenten en militanten die de autoriteit van de federale overheid over openbare landerijen in het hele westen weigerden te aanvaarden." Bundy en zijn zwaarbewapende medestanders hadden het reservaat bezet om te protesteren tegen de veroordeling van twee veeboeren uit Oregon, Dwight en Steven Hammond, die "veroordeeld waren tot gevangenisstraf voor het stichten van branden op federaal land." Bundy eiste "dat de regering afstand doet van het eigendom" van het reservaat en "de Hammonds vrijlaat."

De gewapende confrontatie eindigde toen Bundy werd gearresteerd bij een verkeerscontrole buiten het reservaat. Bundy werd in oktober 2016 berecht op federale aanklachten over wapenbezit en samenzwering, maar werd, verbazingwekkend genoeg, vrijgesproken door een jury.

In 2018 gaf Trump Bundy wat hij wilde, door de Hammonds gratie te verlenen en hen vrij te laten uit de federale gevangenis. "De Hammonds zijn toegewijde gezinshoofden, gerespecteerde bijdragers aan hun lokale gemeenschap, en hebben wijdverspreide steun van hun buren, lokale rechtshandhaving, en boeren en veeboeren in het hele Westen," aldus het Witte Huis.

Bundy's nieuwe organisatie is nog ambitieuzer. People's Rights wil mensen in staat stellen "een militie op te roepen zoals ze een Uber zouden bellen en binnen enkele minuten een protest te organiseren." Bundy zegt dat People's Rights 50.000 leden heeft in 35 staten. Het doel is volgens Bundy om “10 demonstranten in 10 minuten, 100 in 100 minuten en 1.000 in 1.000 minuten naar een plek te sturen.”

Bundy reisde zelf niet naar Washington op 6 januari, maar spoorde zijn volgelingen aan om wel te gaan. In een video die eind december werd gepost, zei Bundy dat hij "zijn steun wilde betuigen aan wat er op 6 januari in Washington gebeurt." Bundy noemde het een kans om te staan voor een grondwettelijke republiek. Hij zag het ook als een rekruteringskans voor People's Rights. Hij zei tegen leden die naar Washington reizen dat ze "het woord moeten verspreiden" en spandoeken van de website van People's Rights moeten downloaden om mee te nemen. "Draag geen mondkapje. Sta pal voor de vrijheid," besloot Bundy.

Jennifer Rokala, die het Center for Western Priorities leidt, noemde Bundy's bezetting van 2016 van het reservaat een "generale repetitie" voor de belegering van 6 januari. "De extremistische ideologieën en tactieken die leidden tot de gewelddadige bezetting van openbare gronden in Oregon zijn dezelfde ideologieën die president Trump heeft aangewakkerd onder zijn aanhangers," zei ze donderdag in een verklaring."

Bundy en People's Rights hebben ook recenter gewelddadige activiteiten ontplooid die een afspiegeling zijn van wat er op 6 januari gebeurde. In augustus bijvoorbeeld hebben Bundy en andere leden van zijn groep geweld gebruikt om een gesloten deel van het parlement van Idaho binnen te dringen.

 

Ilana Rubel (D), leider van de minderheidsfractie in het Huis van Afgevaardigden, was maandag in haar kantoor toen ze een oorverdovend geluid hoorde. Ze rende naar buiten en zag tientallen demonstranten de tribune oplopen die uitkeek op de vloer van het Huis van Afgevaardigden - een groep demonstranten waar volgens haar Bundy ook bij hoorde.
De galerij was afgezet, zei Rubel, om staatswetgevers in staat te stellen sociaal op afstand te blijven in plaats van dat leden in grote groepen samenkomen op de vloer van het Huis. Maar nu hadden de demonstranten de deur van de galerij opengebroken, borden verscheurd en het touw naar beneden getrokken dat bedoeld was om de wetgevers op afstand te houden.
"De bewakers werden aangevallen, de galerij werd overrompeld," zei ze.

Bundy was in het Capitool van Idaho om te protesteren tegen een speciale zitting om de coronavirus pandemie aan te pakken. People's Rights heeft met succes het verzet tegen volksgezondheidsmaatregelen gebruikt als rekruteringsmiddel.

Deze week overweegt de Senaat of Trump verantwoordelijk moet worden gesteld voor het aanzetten tot de opstand van 6 januari. Maar de volgende aanval op een overheidsinstelling zou wel eens beter georganiseerd en gewelddadiger kunnen zijn.

De pandemie als hefboom

In oktober meldde het Institute for Research and Education on Human Rights (IREHR) dat People's Rights "20.000 leden in 16 staten" had. In januari vertelde Bundy aan de Los Angeles Times dat zijn organisatie 50.000 leden had in 35 staten.

Bundy heeft zijn organisatie kunnen doen groeien door in te spelen op de woede over de maatregelen die de regering heeft genomen om de pandemie te bestrijden. Het eerste evenement van People's Rights, afgelopen maart, was om het thuisblijfbevel van gouverneur Brad Little van Idaho te trotseren. Bundy "hield een paasdienst voor ongeveer 60 mensen." Daarna heeft hij de groep laten groeien door het uiten van "agressieve, strijdlustige niet-naleving van de COVID-19 gezondheidsrichtlijnen".

In juli verstoorde Bundy een vergadering van lokale ambtenaren in Cantwell, Idaho, die een mogelijk verplichting tot het dragen van mondkapjes bespraken. "U gaat de vergadering opheffen, of u laat ons binnen, of u roept de agenten om ons te arresteren", zegt Bundy in een video van het incident. Het evenement was openbaar,, maar Bundy mocht niet naar binnen omdat hij geen mondkapje droeg. Op een gegeven moment duwt Bundy een ambtenaar die de toegang tot de bijeenkomst blokkeert. Later is te zien hoe Bundy "de man duwt, de deur uit zijn handen rukt en hem bij zijn shirt grijpt." Ambtenaren annuleerden uiteindelijk de bijeenkomst vanwege "veiligheidsoverwegingen."

Vorige maand trok People's Rights op naar een medische instelling in Vancouver, Washington "om te protesteren tegen de quarantaine van Gayle Meyer, een 74-jarige patiënte die geweigerd had een test op het coronavirus te ondergaan". Haar dochter, Satin Meyer, is lid van People's Rights en een anti-mondkapjes activist. Tientallen demonstranten kwamen opdagen, waarvan sommigen "vuurwapens en gasmaskers meebrachten" De groep probeerde de inrichting binnen te dringen, maar werd door de politie teruggedrongen. Uiteindelijk werd Gayle Meyer vrijgelaten voor een menigte van juichende demonstranten.

Verspreiding communicatie

Aanvankelijk speelde Facebook een sleutelrol bij het organiseren van People's Rights-afdelingen. Maar afgelopen herfst bestempelde Facebook People's Rights als een "gemilitariseerde sociale beweging", en verwijderde de meeste pagina's van de organisatie.

Tegenwoordig communiceert People's Rights voornamelijk met haar leden via mobiele telefoon-berichtgeving. Leden geven hun mobiele telefoonnummers op en ontvangen sms-berichten of voicemails over komende People's Rights evenementen van lokale leiders. Door deze manier van communiceren is het netwerk moeilijker te controleren en te verstoren.

Maar het is op een aantal problemen gestuit. Volgens Kelli Stewart, de leider van Washington's People's Rights, is de website van de organisatie geblokkeerd van "communicatie met telefoonproviders". Daarom vraagt de groep nieuwe leden om Signal te downloaden, een versleutelde messaging app, om zich te registreren. De afhankelijkheid van versleutelde, niet-openbare communicatie zal de activiteiten van de groep in de toekomst moeilijker te controleren maken.

Banden met extreem-rechts

Bundy beschrijft zijn militienetwerk als een "buurtwacht op steroïden." Maar deze analogie verhult de gewelddadige bedoelingen van de groep. Volgens Bundy zijn de leden van People's Rights als een "nest ratelslangen". Hij verklaart dat "...als onze rechten ook maar een beetje bedreigd worden, we venijnig zullen zijn."

Deze extremistische mentaliteit heeft de groep tot een magneet voor extreem-rechts gemaakt. In november 2020 ontdekte IREHR dat "staats- en gebiedsleiders van People's Rights lid zijn geweest van ten minste 31 verschillende militia-achtige Facebook-groepen." IREHR rapporteerde dat meer dan 750 leden van People's Rights Facebook-groepen ook lid waren van "een of meer van 203 verschillende militia-achtige Facebook-groepen." (Sinds de publicatie van het rapport zijn de meeste van deze Facebookpagina's verwijderd).

Voordat hij People's Rights oprichtte, had Bundy banden met enkele van de meest prominente extreemrechtse groepen - waaronder de Oath Keepers, een groep met wortels in de blanke suprematie en waarvan de leider werd beschuldigd van het coördineren van de opstand van 6 januari. In 2016 was de Oath Keepers een van de paramilitaire groepen die Bundy hielpen het Malheur National Wildlife Refuge in te nemen. Bundy's groep in het reservaat omvatte ook witte supremacisten.

Hoewel People's Rights beweert niet racistisch te zijn, hebben de staats- en assistent-leiders van de groep openlijk racistische standpunten verkondigd. Verschillende leiders, zoals de IREHR opmerkt, zijn fel gekant tegen de Black Lives Matter-beweging. In juli 2020 deelde Bundy echter mee dat hij meedeed aan een bijeenkomst van Black Lives Matter. Toch stelde hij in diezelfde toespraak het dragen van mondkapjes gelijk aan slavernij en verdedigde hij de beruchte uitspraak van zijn vader uit 2014 dat zwarte mensen misschien "beter af waren als slaven".