Het afgelopen European Social Forum in Parijs was om veel redenen een succes en bovendien een interessante en leerzame ervaring. Voor een verdere ontwikkeling van de Social Fora is kritische (zelf)analyse echter noodzakelijk

Het afgelopen European Social Forum in Parijs was om veel redenen een succes en bovendien een interessante en leerzame ervaring. Voor een verdere ontwikkeling van de Social Fora is kritische (zelf)analyse echter noodzakelijk. Wij willen hier enkele elementen aangeven waarvan wij vinden dat ze in een dergelijke analyse een rol moeten spelen.

Het Forum in Parijs werd dit jaar het vervolg op Florence in 2002 en daarmee de Europese variant van de wereldwijde gewoonte om vrijhavens op te zetten in de neoliberale wereld. De Social Fora zijn ruimtes voor discussie en de ontwikkeling voor alternatieven. Net als in Florence was Parijs organisatorisch een groot succes, met eventueel als kanttekening de grote spreiding van de verschillende locaties. De Forum-bezoekers slaagden erin de waarde van het ESF te bewijzen. Er was sprake van een grote diversiteit aan organisaties (variërend van trotskisten tot sociaal-democraten, van de PKK tot Charitas France) en individuen en een grote verscheidenheid aan discussies. Bijna alle deelnemers benadrukken het belang van hun ontmoetingen en gesprekken met mensen met een verschillende achtergrond, analyse en focus. Een dialoog over ideeën was dan ook het centrale element van dit Forum

De Parijse versie van het ESF was een groots opgezet evenement dat –zeker in Frankrijk- veel media-aandacht kreeg. In de Franse media werd het Forum soms zelfs als een politiek alternatief gezien en werden de inhoudelijke discussie scherp gevolgd. Het evenement had daarnaast een zeer open karakter, zodat het toegankelijk was voor alle politiek geïnteresseerden. Een belangrijk element was bovendien de inspirerende werking van de vele gebeurtenissen tijdens het Sociaal Forum. Omdat vele bezoekers met nieuw enthousiasme en nieuwe ideeën – bijvoorbeeld een Nederlands Social Forum - thuis zijn gekomen en (weer) aan de slag zijn gegaan. Tenslotte viel in Frankrijk, in het verlengde van de media-aandacht, ook een zekere politieke invloed van het Forum te merken. Dit is enerzijds uiteraard een controversieel punt, maar duidt ook zeker op de groeiende kracht en de mogelijke politieke capaciteit van deze bijeenkomsten.

Geen doel maar een middel

Al deze positieve elementen aan het afgelopen ESF vormen een bijzonder goede basis om op verder te bouwen en verder te denken. Voor een nieuwe stap vooruit is het noodzakelijk om te bediscussiëren welke kant de Social Fora (niet) op moeten en welke aspecten nu onvoldoende uit de verf komen.

Naar onze mening hebben de Social Fora drie doelen. Ten eerste het scheppen van een ruimte die niet wordt bepaald door de ideologie van het neoliberalisme. Met een dergelijke ruimte kunnen we laten zien dat een andere wereld mogelijk is, waarin bijvoorbeeld wél discussie mogelijk is tussen mensen met verschillende ideeën. Ten tweede moeten de Social Fora de mogelijkheid scheppen tot de creatie van concrete alternatieven, door het tonen van respect en door onderlinge discussie en het aanscherpen van onze eigen analyses. Ten derde moeten de Social Fora meer mensen informeren over het neoliberalisme en andere prangende politieke issues. Deze derde pijler lijkt fier overeind te staan, gezien de groeiende aandacht voor een andere globalisering en de groeiende aantallen deelnemers aan protesten en fora. De beide andere pijlers kunnen naar onze mening wel enkele nieuwe impulsen gebruiken. Hierbij is het belangrijk om te benadrukken dat het ESF geen doel op zich is, maar een middel om tot een betere wereld te komen.

Ontwikkeling van alternatieven

Wij denken dat de ontwikkeling van alternatieven voor het neoliberalisme binnen het Social Forum een nieuwe impuls kan krijgen door de bijeenkomsten te diversifiëren. Nu zijn er eigenlijk maar drie soorten meetings (afgezien van de vele informele bijeenkomsten die gedurende het ESF plaatsvinden), te weten: de plenaire sessies (erg groot en door de centrale organisatie gearrangeerd), de seminars (nog steeds erg groot, maar door individuele organisaties geregeld) en de workshops (kleiner en vaak concreter, ook georganiseerd door individuele organisaties). In onze optiek zouden er meer soorten meetings mogelijk zijn, die het mogelijk maken om concreter met zaken bezig te gaan, dieper op de materie in te gaan en campagnes te ontwikkelen.

Er zouden bijvoorbeeld lezingen kunnen plaatsvinden waarin een spreker met een interessant verhaal de mogelijkheid krijgt om zijn hele verhaal te vertellen. Wij hadden Michael Albert bijvoorbeeld graag langer horen vertellen over zijn these over de postkapitalistische samenleving. Ook zouden er binnen het programma netwerkbijeenkomsten georganiseerd kunnen worden over specifieke onderwerpen (zoals GATS) waarin campagnevoerders uit heel Europa elkaar kunnen informeren over hun vorderingen. Geïnteresseerden kunnen hier bovendien ideeën opdoen voor eigen campagnes. Een derde variatie is een meer congresachtige opzet, waarin gedurende een dag in thematische meetings, over bijvoorbeeld de Europese Constitutie, de toekomst van de verzorgingstaat of de VN wordt gedebatteerd. Door een hele dag aan een onderwerp te besteden wordt een diepere analyse van een dergelijk onderwerp mogelijk, zonder dat hier noodzakelijkerwijs een conclusie uit moet voortkomen.

Deze diversificatie kan ertoe leiden dat er concreter dan nu wordt gesproken over de aard van de alternatieven die de verschillende organisaties willen en de manieren om deze te realiseren. Wellicht is er dan ook meer ruimte tot dialoog en discussie tussen de verschillende stromingen in de beweging. Een laatste element dat op deze manier meer aandacht zou kunnen krijgen is het debat over echte democratie en de relatie van echte democratie met verandering. Nu wordt er veelal in vage termen steun aan democratie beleden, zonder dat echt duidelijk wordt waar iedereen het over heeft. Terwijl juist het debat over een nieuwe vorm van democratie de kern raakt van de betere wereld die wij allen willen.

Alternatieve ruimte

Ook de ‘echte’ alternatieve ruimten waren op het afgelopen ESF te marginaal aanwezig. In deze ruimten (zoals het Youth Camp in Porto Alegre) bestaat voornamelijk zelforganisatie en is er ruimte voor participatie en een open(er) discussie. Deze ruimten dienen als de concrete invulling van de idealen die tijdens het Social Forum worden besproken, zoals bijvoorbeeld de eigen democratische verantwoordelijkheid. Door de organisatie van deze ruimten kunnen deelnemers hun eigen ideeën over alternatieven en eigen verantwoordelijkheid door ervaring aanscherpen. In deze ruimten is dan ook geen plaats voor ideologie of hiërarchie, maar wordt gewerkt aan een nieuwe manier van communiceren en organiseren. Op het ESF werd een dergelijke ruimte gerealiseerd nabij La Villette, wat ons betreft moet er tijdens een volgend Social Forum meer ruimte zijn voor zelforganisatie en de-ideologisering. Een grotere nadruk op dergelijke ruimtes kan ook andere individuen en organisaties aanspreken die zich nu niet thuis voelen bij het ESF door het teveel aan hiërarchische structuren en ideologische discussies.

De lessen van deze alternatieve ruimten gelden ook voor het Social Forum als geheel. Momenteel lijkt er een sterke neiging tot politisering van het Social Forum. Dit kan maar tot op zekere hoogte plaatsvinden, omdat de Socal Fora van niemand zijn en dus door niemand geclaimd kunnen worden. Wij vinden de ontwikkeling van eindeloos (verspillend) geflyer voor bepaalde bijeenkomsten zorgelijk, evenals de pogingen van politieke partijen om gewin te halen uit de sterke ontwikkeling van de Social Fora. De organisatie van een Social Fora kan door geen enkele groep of organisatie worden gemonopoliseerd. Volgens ons moeten de fora ingericht worden naar de idealen die het uitdraagt. Voor ons betekent dit zo min mogelijk verspilling en meer ruimte voor zelforganisatie.

Voor geslaagde Social Fora is de combinatie van de grote NGOs en grassrootsorganisaties noodzakelijk, om een optimale dynamiek te creëren. Hiervoor is wel een zekere zelfdiscipline en openheid noodzakelijk. Om een werkelijk alternatieve ruimte voor het neoliberalisme te creëren moet onze ruimte er een zijn van solidariteit, gelijkwaardigheid, pluriformiteit en inhoudelijke discussies.

De discussie durven voeren

Het laatste punt dat wij willen maken is dat we boven alles niet bang moeten zijn om de discussie te voeren. Een fantastisch fenomeen als de Social Fora verdient serieuze analyses en overwegingen, niet om ze tekort te doen, maar om ze nog verder te brengen. Wat ons betreft zijn de Social Fora een doorkijkje naar de andere wereld, waarin we willen leven.

Omdat we deze discussies niet uit de weg mogen gaan, moeten we openstaan voor elkaars ideeën en niet direct reageren op de automatische ideologische piloot. Van uit deze principiële openheid moet bijvoorbeeld gekeken worden naar Bernard Cassens voorstel om de Social Fora uit te laten groeien tot een nieuwe politieke partij. Hoewel wij dit plan geenszins ondersteunen wijst Cassen wel op een erg belangrijk punt: hoe moeten we verder? Hoe kunnen we werkelijke veranderingen realiseren en hoe kunnen de Social Fora daarbij helpen? Wat ons betreft zullen we daar samen over na moeten denken.

Christian Ernsten en Ralph Hoetmer
Alert! Groningen /ATTAC

(Dit artikel was oorspronkelijk op GlobalInfo gepubliceerd door Ralph en Christian.)