De Europese Unie vreesde dat de Europese verkiezingen van 2019 bedreigd konden worden door moedwillige informatievervalsing door ‘vreemde mogendheden’, waaronder men doorgaans het Rusland van Poetin verstaat. Er werden initiatieven genomen om de verspreiding van fake news en disinformation tegen te gaan, o.a. door het opvolgen van de berichtgeving op de sociale media. “Desinformatie is verifieerbaar valse of misleidende informatie die gecreëerd, gepresenteerd en verspreid wordt omwille van economisch voordeel of om opzettelijk de publieke opinie te misleiden”, schrijft de Commissie.

(Door Herman Michiel, oorspronkelijk verschenen op Ander Europa)

In dit artikel toon ik aan dat de voorstelling die de Europese Unie maakt van haar hulp aan de lidstaten bij deze coronacrisis een misleiding is van de publieke opinie, en dus volgens de definitie van de Europese Commissie zelf als fake news moet bestempeld worden.

U ziet hieronder een voorstelling door de Commissie van de fenomenale ontplooiing van financiële middelen ten voordele van de lidstaten in de bestrijding van de coronacrisis.

De EU mobiliseert alle mogelijke bronnen om snel, krachtig en gecoördineerd op te treden in de coronavirus-pandemie. Het totale bedrag dat tot dusver gemobiliseerd werd bedraagt 3400 miljard €”, schrijft de Commissie. Waaw, 3400 miljard (*1) in goede benadering evenveel als het Duits BBP!

Maar laat ons even nagaan hoe men aan dit astronomisch bedrag geraakt, bedrag dat bedoeld is voor de onmiddellijke noden van de overheden die plots geconfronteerd worden met het virus; het gaat dus nog niet over de bestrijding van de economische crisis die zonder enige twijfel op de coronacrisis volgt.

We beginnen bij het oranje ‘taartstuk’ van 100 miljard euro bestemd voor ‘SURE’ (*2),  waardoor overheden de tijdelijke werkloosheid (die alom werd erkend bij de ondernemingen) kunnen helpen financieren. Dit wordt vaak voorgesteld als de Europese ‘slimme’ aanpak waardoor mensen hun job niet verliezen; het wordt echter steeds duidelijker dat er door de bedrijven massaal misbruik wordt van gemaakt in afwachting van de ontslagen die nog zullen komen. Maar afgezien daarvan blijft de vraag: waar haalt de EU, die zelf maar een jaarbudget van ongeveer 150 miljard heeft, de 100 miljard euro voor SURE? Het antwoord is nogal ontluisterend. Eerst moeten de lidstaten op vrijwillige basis 25 miljard euro op tafel leggen als garantiefonds waarmee de Europese Commissie leningen kan afsluiten ten bedrage van 100 miljard. Vervolgens kunnen lidstaten die hieraan nood hebben een deel van de 100  miljard krijgen maar dan als lening die later moet terugbetaald worden en waarop jaarlijks rente moet betaald worden zoals bij elke staatslening.

Het tweede (blauwe) taartstuk van 200 miljard is bedoeld als steun voor ondernemingen (een ‘protection shield’)  maar verloopt grotendeels gelijkaardig als het vorige: de lidstaten zorgen voor 25 miljard euro als garantie (deze keer niet op vrijwillige basis) waarmee de Europese investeringsbank (EIB) private banken ertoe beweegt om leningen toe te staan aan ondernemingen.

Vervolgens het oranje taartstuk van 330 miljard euro. Het gaat helemaal niet over ‘Europees’ geld, maar steun die lidstaten kunnen toekennen (subsidies, schrapping of uitstel van bepaalde belastingen enzovoort) omdat de Europese Unie de budgettaire regels die ze oplegt aan de lidstaten (budget in evenwicht, staatsschuld onder 60% …) versoepeld heeft in deze crisissituatie. Er is opnieuw geen sprake van één euro ‘Europese steun’.

Dan komen we bij het groene bedrag van 240 miljard euro, waar in de media al het meest over te doen is geweest. Het geld komt uit het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM), opgericht als fonds waaruit de Grieken verplicht werden te lenen om schulden aan Franse, Duitse en andere banken te kunnen terugbetalen. Dat was dan wel aan een iets lager tarief dan wat de financiële markten zouden gevraagd hebben, maar er waren voorwaarden aan verbonden:  hervormen! Privatiseren, bezuinigen, sociale voorzieningen afbouwen, enzovoort. Dit is men de ‘conditionaliteit’ gaan noemen die gekoppeld wordt aan  leningen door ESM toegekend. Er is nu wel toegezegd dat men voor leningen in het kader van de coronacrisis de conditionaliteit zou minimaal houden (tot groot ongenoegen van de Nederlandse minister van financiën Hoekstra) maar noch Spanje noch Italië, de door corona meest getroffen landen in de EU, zijn geneigd op dit fonds beroep te doen, wegens de barslechte reputatie die eraan verbonden is; zij waren de pleitbezorgers van de ‘coronabonds’. Hier staat dus opnieuw een bedrag van 240 miljard aangekondigd waarvan geen cent uitgegeven is, en dat misschien geen cent zal uitgeven.

Een klein stukje donkergroene taart (70 miljard) komt direct uit het EU-budget en is dus geen lening. Maar ook hier wordt de publieke opinie misleid, en is er dus volgens de definitie van de Europese Commissie zelf sprake van desinformatie. Want het gaat niet om extra-geld, maar bijvoorbeeld om een versoepeling van de voorwaarden voor het gebruik van structuurfondsen die reeds waren toegekend en die nu als crisisuitgaven kunnen aangewend worden; een deel van het nog niet gebruikte geld uit deze enveloppe komt eveneens ter beschikking. Maar de structuur- en regionale fondsen zijn zowat het enige in de EU waar sprake is van solidariteit en een minieme  bijdrage om de economische kloof tussen landen en regio’s te dichten; deze gelden herbestemmen voor corona betekent dat  er minder gaat naar de economische integratie van de armere delen van de Unie.

Het grootste deel van de taart, evenwel, is het witte gedeelte ten bedrage van 2450 miljard euro. Dit zijn bedragen die niet door de EU, maar door de lidstaten uitgegeven worden in de vorm van staatssteun aan bedrijven. Zodra de crisis uitbrak moest de EU terugkomen op een van haar fundamentele beginselen, namelijk de principiële afwijzing van (de meeste) staatssteun om aldus de ‘eerlijke en onvervalste concurrentie’ niet in het gedrang te brengen. De EU laat dus  momenteel toe dat lidstaten hun schulden verhogen door staatssteun te geven aan bedrijven, en neemt dit op als belangrijkste element in het lijstje van steunmaatregelen aan de lidstaten. Oordeelt u zelf: is dit informatie of fake news? Het is bovendien zo dat de Duitse regering hier een uitgelezen kans ziet om haar concurrentiepositie in Europa nog te versterken; meer dan de helft van de reeds uitgegeven staatssteun in Europa werd door Duitsland (een kwart van de Europese economie) aan haar bedrijven toegekend (Adidas, TUI Duitsland, Lufthansa…). Andere lidstaten vrezen dat hierdoor het economisch onevenwicht in de EU nog zal toenemen.

Twee initiatieven zijn niet opgenomen in de grafiek. Het eerste is ‘PEPP’ (*3) waardoor de Europese Centrale Bank (ECB) tot 750 miljard euro waardepapieren (aandelen, obligaties) van overheden en bedrijven zal opkopen om zodoende de rente laag te houden en geld te pompen in ‘de economie’ (maar zoals bij de vorige ronde van geldinjectie door de ECB bleek is het resultaat daarvan vrij gering en leidt het tot verrijking van de rijken en verhoging van speculatieve fondsen die niet aan de reële economie bijdragen). Het tweede initiatief had onlangs plaats (4 mei) en bestond in een door de Europese Commissie georganiseerde ‘fancy fair’ of fundraising waar vrienden van de mensheid als multimiljardair Bill Gates hun gouden hart konden tonen en een pot  van 7,4 miljard € spijzen bestemd als hulp voor de ontwikkeling van een coronavaccin; Nederland beloofde 192 miljoen, België 27 miljoen. Over de precieze aanwending van het geld is niets bekend.

Conclusie

Op weinig na zijn alle posten in het taartdiagram uitgaven van de lidstaten, die hun begrotingstekort en hun staatsschuld fenomenaal zullen zien stijgen. Het is schandalig om dit voor te stellen als de ‘EU response’ op de coronacrisis. Bovendien komt het leeuwendeel van deze uitgaven de private bedrijven ten goede, die zeer royaal uit de staatsruiven aan het graaien zijn; de staatsleningen zelf betekenen trouwens nieuwe winststromen voor banken en financiële spelers.
Het gaat hier nog niet over de maatregelen die zullen volgen om de economie terug op de sporen te zetten. Daarover bestaat binnen de ‘Unie’ de grootst mogelijke onenigheid (*4) en men kan met quasi zekerheid voorspellen dat hier nog veel diepere putten in de staatsfinanciën zullen gegraven worden. We komen hier ongetwijfeld nog op terug.

Voetnoten

(*1) Waar er bijvoorbeeld staat €100 bn betekent dit 100 miljard euro; het Engelse billion (bn)  komt overeen met het Nederlandse miljard, het Engelse trillion met 1000 miljard. Om deze getallen in perspectief te stellen: het BBP van Nederland (2019) bedroeg 812 miljard €, dat van België 473 miljard, dat van Duitsland 3435 miljard.

(*2) ‘Support mitigating Unemployment Risk in Emergency’ ofte ‘Steun voor de beperking van het werkloosheidsrisico in een noodsituatie’. 

(*3) PEPP: Pandemic Emergency Purchase Programme

(*4) Zie Ander Europa, 25 april 2020, Europees relanceplan in quarantaine .