De botsing tussen de regering Salvini-Di Maio en de Europese Commissie over de begrotingswet stond al meer dan twee maanden centraal in de Italiaanse politieke situatie (*1). Het door de regering ingediende ontwerp aan de technocraten van Brussel werd aanvankelijk door hen afgewezen. Pierre Moscovici, de Europese commissaris voor Financiën, heeft de regering gevraagd om het begrotingsvoorstel te herschrijven om te voorkomen dat er actie tegen Italië (*2) wordt ondernomen.

(Bron: artikel van Resistenze Internazionali, vertaling Henry van Maasakker/globalinfo foto: Superman in Rome van John Southcoasting cc/flickr)

Als reactie op deze dreiging heeft de regering enerzijds haar oorlogszuchtige verklaringen verhoogd en haar intentie om de Europese berispingen te bestrijden, benadrukt. Maar aan de andere kant herschreef het de begroting in de trant van de eisen van de Europese Commissie, een verschuiving van 180 graden ten opzichte van de verklaringen die een paar weken eerder werden gedaan. De EU zelf had concessies gedaan op haar eigen 'regels' met betrekking tot begrotingstekorten en niet aangedrongen op het niveau van bezuinigingen die ze wilde omdat ze bang waren voor een explosie.

De Italiaanse regering heeft geprobeerd de EU en de Italiaanse bevolking te laten zien dat ze in perfecte harmonie zijn met de neoliberale eisen van Brussel en dat ze bereid zijn om hun eigen economisch beleid te laten dicteren door de zeer verguisde Commissie.

Van het 'volksbudget' naar een budget van de Europese Unie.

In de politiek, zoals in andere gebieden van het leven, is het een goede gewoonte om mensen en organisaties te beoordelen op wat ze doen en niet op wat ze zeggen dat ze doen. In essentie moeten we naar daden kijken en niet naar woorden.

De begrotingswet 2019 biedt een uitstekende gelegenheid om concreet te laten zien wat de priori­teiten en specifieke plannen van de regering zijn in economische aangelegenheden. Na maanden van 'we zullen armoede afschaffen!', Propaganda, bombastische verklaringen en mediacampagnes, kun­nen Italianen deze regering eindelijk beoordelen op basis van een concreet en essentieel besluit zoals de begrotingswet.

Het voorstel waarover onlangs is gestemd, is de tweede versie van een financieringswet die in het parlement is verworpen en door de technocraten van de Europese Commissie is afgewezen. Ondanks de oorlogszuchtige verklaringen van ministers en partijsecretarissen tegen Brussel en de Europese Unie, is het nu iedereen duidelijk hoe de regering heeft gebogen voor de economische dictaten van de Unie en belangrijke veranderingen in de belangrijkste wet van het jaar heeft aanvaard. Oorspron­ kelijk was een begroting met een tekort van 2,4% gepland. Deze nieuwe versie, na tussenkomst van Brussel, brengt het naar 2,04% - het verschil van een decimaal, maar iets dat miljarden bezuini­gingen in de verzorgingsstaat betekent. Concreet 7,5 miljard bezuinigingen.

De twee vlaggenschipmaatregelen van deze regering - het basisinkomen en de invoering van de “Quota 100" pensioenhervorming - zijn niet voorzien in de tekst van de wet, omdat ad hoc besluiten zullen worden gepresenteerd over de twee maatregelen. De begrotingswet voorziet echter in de fi­nan­ciering van deze twee maatregelen. Concreet: 7,1 miljard euro wordt toegewezen aan het burger­-inkomen - een cijfer dat aanzienlijk lager is dan de oorspronkelijk toegewezen 9 miljard en 3,9 miljard voor de hervorming van de pensioenen en de Quota 100, vergeleken met de oorspron­kelijk geplande 6,7 miljard.

De zogenaamde 'Quota 100' zal dat niet zijn en zal van invloed zijn op de enkele tienduizenden ge­pensioneerden, voornamelijk van bedrijven in het noorden, die vóór hun 67ste met 38 jaar gecer­tificeerde bijdragen met pensioen kunnen gaan. Voor alle anderen blijft de geroemde Fornero-her­vorming (*3) van kracht.

Wat het basisinkomen betreft, wordt dit betaald op voorwaarde dat we ons ertoe ver­binden een opleidingscursus te volgen en elke voorgestelde baan te aanvaarden. Het volstaat een­voudig om eigenaar of mede-eigenaar van een huis te zijn, of 5.000 euro te hebben in de bank, om te worden uitgesloten van degenen die in aanmerking komen voor dit inkomen, dat niet langer dan 18 maanden kan worden uitbetaald.

Om bovendien door de Brusselse technocraten gunstig te worden bekeken, moest de Italiaanse regering een maxi-amendement indienen met de zogenaamde vrijwaringsclausules. Deze clausules vormen de garantie dat in het geval van 'overschrijdingen' in 2020, zij overgaan tot een verhoging van de normale btw die zal stijgen tot 26,5%. Daarnaast heeft de regering toegezegd om 2 miljard euro aan overheidsuitgaven te bevriezen die automatisch worden gekapt als de economische situatie verslechtert.

Snijden, Snijden, Snijden

Het budget is een budget van bezuinigingen - bezuinigingen op sociale uitgaven, bezuinigingen op openbare diensten, bezuinigingen op infrastructuur. Daarmee is de regering van plan de over­heids-uitgaven terug te dringen met 4 miljard euro, de bezuinigingen zullen in 2021 6 miljard bedragen en 1 miljard euro uit de begrotingen van de ministeries. De staatsspoorwegen, die al een slechte service bieden en worstelen met oneerlijke concurrentie van privé-groepen zoals Italo, zien hun budget met 600 miljoen euro worden verlaagd. Het Ontwikkelings- en Sociaal Cohesiefonds, dat economische activiteiten in het zuiden financiert, wordt met 800 miljoen euro verminderd. Dit is zelfs zonder de totale blokkering van nieuwe banen in het openbaar bestuur en de universiteiten tot 1 december 2019.

Alsof dit alles niet genoeg is om deze begroting te kwalificeren als een anti-mensmanoeuvre, vijandig tegenover de belangen van arbeiders en armen, hebben we de introductie van de zogenaamde "Fis­ cale Vrede". Achter deze dubbelzinnige naam schuilt een amnestie voor de grote belastingontdui­kers iets wat de vorige regeringen ook hebben gedaan. Met deze wet heeft de huidige gele en groene rege­ring ook het verbod op het indexeren van pensioenen boven € 1.530 door de 'technische' rege­ring van Mario Monti opnieuw geïntroduceerd.

De begrotingswet voorziet ook in openlijk racistische maatregelen zoals de invoering van een be­lasting van 1,5% op geldoverdrachten naar niet-EU-landen. Dit is geen maatregel om de vlucht van kapitaal te stoppen, maar een aanval op arme werknemers zoals de Oekraïense en Filippijnse ver­zorgers die 100 euro naar huis sturen om hun gezin te onderhouden. Bovendien voorziet de be­gro­ting in een verlaging van € 400 miljoen voor drie jaar aan het fonds voor de integratie van migranten.

Maar het slechte nieuws voor de armen gaat gepaard met goed nieuws voor de rijken. Het budget voorziet namelijk in belastingvrijstelling op zonwering bij (particuliere) badinrichtingen plus een verlenging van de concessies aan particulieren die deze inrichtingen nog eens 15 jaar gebruiken!
Wat dit anti-mensenbudget nog onaanvaardbaarder maakt is het begin van een echte golf van pri­vatiseringen met de verkoop van staatseigendommen ter waarde van 18 miljard euro alleen al in 2019.

Wat houdt 2019 in?

Het is duidelijk dat de Salvini-Di Maio-regering zich op een laffe manier heeft overgegeven aan de Europese Commissie. Als het ervoor heeft gekozen om niet te vechten, is het omdat het fun­damen­teel, meer dan alleen in enkele aspecten, de neoliberale en anti-arbeidersklasse-vooruitzichten van Brussel zelf deelt. De echte tragedie is dat de meerderheid van de arme werknemers en gepensio­neer­den vandaag, vanwege het falen van de linkse en de verlegenheid van de vakbondsleiders, deze regering van ‘sociale slachters’ steunt.

Deze situatie zal snel veranderen. Het jaar 2019 zou een nieuwe golf van strijd en sociale confron­ta­ties met zich mee kunnen brengen. Net als bij de beweging 'Gilets Jaunes' in Frankrijk, is het waar­schijnlijk dat deze strijd nieuwe vormen zal aannemen, niet in staat om zich onmiddellijk uit te druk­ken via traditionele partijen en vakbonden. De antikapitalistische en revolutionaire krachten moeten zich vandaag voorbereiden op een situatie waarin het vertrouwen in de regering instort en grote uitbarstingen van sociale woede uitbarsten.

Het wantrouwen en de woede zullen leiden tot een ineenstorting van wat een valse sociale vrede is. In staat zijn om in deze situatie in te grijpen met een antikapitalistisch programma is de uitdaging die ons de komende maanden te wachten staat.

Bron; stuk op socialist world

Noten:

*1) Italië is sedert 2007 in een diepe economische crisis terecht gekomen met chronische stagnatie, explosief ge­groeide publieke en private schulden, armoede en werkloosheid. De Italiaanse overheid moest een beroep doen op de leningen van de Troika in ruil bezuinigingen die de depressie verscherpen waardoor Italië in een schuldendepres­siecy­clus terecht is gekomen zie J. Rasmus

*2) De huidige politieke situatie in Italië worden kort behandeld in Gerrit Zeilemaker, De EU van crisis naar crisis: Italië van 14 november 2018

*3) Dit zijn de pensioenbezuinigingen van de minister Elsa Fornero uit 2011, waaronder het verhogen van de pensioenleeftijd voor mannen van 65 naar 66 jaar en voor vrouwen van 60 naar 66 jaar. Ook vervroegde uittreding met 57 jaar wordt sterk beperkt, het ingaan van het pensioen en de hoogte ervan werden gekoppeld aan de levensverwachting (de vertaler).