Woman at War; een film over leven en actievoeren in tijden van klimaatapocalyps. De IJslandse film Woman at War is een gewaagde poging om het leven te beschrijven van mensen die zich nu zorgen maken over de toekomst van de planeet. De film is ook nog eens ontroerend en grappig, maar snijdt ondertussen ook bloedserieuze zaken aan waar Hollywood zich niet aan waagt.

(Door Gie Overboord)

Om spoilers te vermijden, kan ik hier niet het hele verhaal vertellen. Vooral de twee ontwikkelingen waar de film mee eindigt niet. Maar wat alvast wel verklapt kan worden, is dat het een groot pleidooi voor directe actie is. De film begint met een heuse Willie Wortel-actie. In de dagen van de antiatoomenerergiebeweging werd die ook in Nederland gepropageerd en incidenteel ook uitgevoerd: kortsluiting veroorzaken bij hoogspanningsleidingen zodat de nabije energiecentrale stilgelegd moet worden. In Duitsland werden een tijdje hele hoogspanningsmasten omgehaald. Beide actiemethodes waren overigens levensgevaarlijk vanwege de hoge spanning op de leidingen. In het geval van de film gaat het niet om kernenergie maar om een aluminiumfabriek van een Amerikaanse multinational die energie opslorpt en waarvoor de IJslandse natuur wordt opgeofferd.

De hoofdpersoon is een vrouw op leeftijd, Halla, progressief maar burgerlijk, die bedacht heeft dat het genoeg is geweest en dat ze dat kreng lam gaat leggen. De acties hebben IJsland in zijn greep en worden door politiek, media en publiek gehekeld. In een van de prachtigste scenes zie je Halla na weer een zenuwslopende sabotage-actie naar huis lopen, waarbij de tv-schermen in de huizen zender na zender met talking heads vertonen die roepen dat het crimineel is, niet helpt, dat er werk gaat verdwijnen en dat het geld gaat kosten, et cetera, de taal die je nu ook in het Amsterdamse gemeentebestuur hoort als het over de Lutkemeer gaat... Ze geeft ook nog een verklaring uit waarin ze iedereen oproept om in actie te komen en waar het hele land het over heeft.

Een ogenschijnlijk omslagpunt in de film is als Halla een brief krijgt dat ze een Oekraïens weesmeisje kan adopteren, samen met haar zus. Ze was eigenlijk vergeten dat ze vier jaar eerder zo’n verzoek gestart was. Even lijkt het erop dat de film dan alleen nog zal gaan over haar innerlijke strijd of ze de acties moet staken om het meisje te gaan halen. Maar dan blijkt dat de film dan pas echt op hol gaat slaan. En de conclusie is dat het allebei nodig is: dat meisje uit het weeshuis halen, maar ook haar toekomst veilig stellen door de klimaatramp te voorkomen.

De film wiebelt de hele tijd tussen serieuze thriller en komisch drama in. Dat werkt uiteindelijk goed uit, en voorkomt dat het een loodzwaar epos wordt. Zo fietst er - letterlijk - regelmatig een toerist door het beeld die voortdurend ten onrechte voor de acties wordt opgepakt. En in een soort magisch realistische bijlijn komt er steeds een muziekgroepje in beeld, na een tijdje afgewisseld met een Oekraïens dameszangtrio dat voor de begeleidende klanken zorgt. Dat zal niet bij iedereen in de smaak vallen, maar het went al snel en wordt dan potsierlijk.

De repressie tegen de acties wordt trouwens behoorlijk realistisch gefilmd, met hightech arrestatieteams, surveillance, dna-onderzoeken van de gehele bevolking en gewelddadige aanhoudingen. De hele setting is trouwens naar een werkelijke situatie gefilmd, er is een omstreden hydro-energie-project voor een overbodige aluminiumfabriek van Alcoa/Rio Tinto waar activisten tegen gestreden hebben.

De keuze om geen stoere jonge actievoerder te nemen, maar een keurige oudere dame als hoofdpersoon, is ook heel mooi. Ze is trouwens ook stoer en krijgt bij de acties een soort stripheld-achtige verschijning die onverslaanbaar is en nooit ophoudt met rondrennen. Ze heeft ook nog een zweverige zuster als tegenhanger, waardoor we getrakteerd worden op vinnige discussies over politiek. En dan is er nog een norse schapenboer die zich langzaam ontpopt tot handlanger. Een ander hoofdpersoon in de film is de politie-drone. Ook daar weet onze heldin een spectaculair antwoord op.

De film heeft gelukkig ook geen moralistisch einde, en vooral niet zo een die uiteindelijk toch doet concluderen dat illegale acties niet mogen of niets opleveren. Deze film kiest onbeschaamd de kant van iemand die de wet overtreedt, en niet zo’n beetje ook. Het is geen symbolische burgerlijke ongehoorzaamheid waar ze zich aan bezondigt, maar vergaande sabotage, tot aan het gaatje. De actievoerster legt in de film ook nog eens uit dat dat niet onder de noemer geweld mag worden gestopt, zoals in haar omgeving iedereen doet. “Het is toch gewoon vernieling?”. De inschatting wat het rendement van de acties is, wordt uiteindelijk aan de kijker overgelaten. Maar dat er in ieder geval actie ondernomen moet worden, wordt onderstreept door de apocalyptische slotbeelden.